‘Hoe was school?’ vraagt mama. Vlug neemt Boaz een hap van zijn aardappel. Hij kauwt zo langzaam als fysiek mogelijk is.  Alsof hij elke aardappel tot puree moet malen. Het liefst eet hij op deze manier de hele pan leeg. Tot de bodem glanst. Zolang hij maar niet hoeft te praten. Niet over school. Niet over papa. Nergens over.

‘Boaz? Geef je nog antwoord?’

Haar bemoeizuchtige moederogen houdt ze strak op hem gericht. Zoals een havik loert naar zijn prooi. Hij voelt het weer opborrelen. Net als op school. Daar ging het vandaag weer mis, maar dat hoeft zij niet te weten. Waarom willen moeders altijd alles weten?

‘Boaz, het is heel onbeleefd om niet te antwoorden.’

Ze is gestopt met eten. Alsof ze zo kan afdwingen dat hij gaat praten. Dat hij vertelt over ‘wat er in hem omgaat’. Mooi niet. Waarom vraagt ze de hond niet hoe zijn dag was? Of haar telefoon? Voor die laatste heeft ze toch meer aandacht.
Langzaam slikt Boaz zijn laatste hap weg. Hij voelt zijn hart pompen. Met trillende handen schept hij vlug een nieuwe lading aardappels uit de pan. Die dingen vallen als bommen op zijn bord. Boem. Boem. Boem.

‘Boaz, nu ben ik er echt klaar mee,’ zegt zijn moeder vinnig. ‘Je vertelt mij hoe je dag was, anders ga je zonder toetje naar bed.’
Boaz voelt haar adem in zijn nek. Die constante adem die alle lucht uit hem zuigt. Tot hij weerloos is. Tot hij moet janken. Boaz houdt het niet meer. Hij springt op uit zijn stoel.
‘ER – IS – HELEMAAL – NIETS!!’ schreeuwt hij.

Een stuk aardappel vliegt van zijn vork en komt met een doffe klap op de keukenvloer neer. De hond schiet er gulzig op af. Zijn moeder kijkt geschokt. Niet vanwege de hond, maar door de glimmende vork die Boaz strak voor haar keel houdt.

Floor Tinga